Hoe overleef ik… een dagje wandelen met NivonJong
Of je nou meegaat met een dagwandeling van NivonJong, je hebt ingeschreven voor een meerdaagse trektocht of tijdens het befaamde kanoweekend een rondje door de Biesbosch wandelt; goede voorbereiding en wandeluitrusting zijn essentieel! Hoe klein of groot de wandeling ook is, met deze tips kom jij de dag goed door.
Bereid je goed voor op de wandeltocht
Check voor vertrek altijd het weer! Gaat het regenen? Komt er een onweersbui aan? Hoe warm wordt het? Allemaal zaken die invloed hebben op hoe jij je kleedt. Wanneer het gaat regenen, doe je er goed aan om een waterafstotende broek en regenjas aan te hebben. Je wil natuurlijk niet dat je spijkerbroek na een halfuur al doorweekt is en je nog een hele wandeling voor de boeg hebt.
Draag lichte, functionele kleding. Waarom een gigantisch dikke trui aan doen, terwijl een licht thermoshirt volstaat? Draag ook meerdere laagjes lichte kleding. Heb je het warm? Dan kan je gewoon één laagje uitdoen en in je tas stoppen. Dan is het wel zo prettig dat je iets lichts hebt aangetrokken vanochtend. Je wordt er niet vrolijk van als het een uur na de start plots een stuk warmer is, jij met een trui van twee kilo zit die je in je tas moet futselen en je nog vier uren moet ploeteren met een net iets te zware tas.
Laat iemand weten waar je gaat wandelen. Er kan altijd iets gebeuren. Je bent gefocust op een gave vogel en ziet die boomwortel die uit de grond steekt niet. Klinkt herkenbaar, moet ik bekennen. Even later lig je zand te happen. Dat is natuurlijk niet prettig. Het is dan wel zo fijn als jouw omgeving weet waar jij je bevindt. Overigens kan een noodfluitje ook van pas komen, om mensen te laten weten waar je bent als je in nood bent.
Maak een lijstje voor wat je tijdens een winter- en zomerwandeling standaard mee moet. Zo moet je in de winter bijvoorbeeld handschoenen mee en misschien een muts op. In de zomer moet je je pet uiteraard niet vergeten, wellicht een zonnebril op doen en je gezichtje, armpjes en beentjes netjes insmeren met zonnebrandcrème.
Sla je ontbijt niet over! Het is enorm belangrijk om met voldoende energie aan je wandeling te beginnen. Denk er ook aan om een stevig lunchpakketje klaar te maken. Hier geldt: neem ‘effectief’ voedsel mee. Ikzelf doe het goed op broodjes pindakaas. Een zak chips is hartstikke lekker, maar heb je he-le-maal niks aan.
Neem, uiteraard, voldoende water mee, en laat alsjeblieft die waterflessen die je in de supermarkt kan kopen links staan. Zorg zelf voor een degelijke, lichte fles, die je vult met water; dat is beter voor het milieu! Zoek op of je onderweg je waterfles kan vullen. Dit kan bijvoorbeeld bij een café of watertappunt. Zo hoef je niet je hele tas vol te pakken met flessen water, maar kan je tussendoor gewoon je flesjes bijvullen! Je kan er ook voor kiezen om helemáál geen fles mee te nemen, maar een waterzak. Hier kan je dan te pas en te onpas uit drinken via een slangetje, zonder dat je telkens je tas af hoeft te doen om dat flesje water achter een rits weg te peuteren.
Zorg ervoor dat je altijd iets mee hebt met veel suiker, voor het geval je onderweg hongerklop krijgt of licht wordt in je hoofd. Ikzelf heb, vooral toen ik nog wat jonger was, met enige regelmaat hongerklop gehad. Omdat ik daar tegenwoordig nog steeds weleens last van heb, heb ik altijd drie pakjes sultana’s bij mij. Ik hoor je denken, ‘hoezo zoveel?’. Nou, als ik dan een pakje sultana’s heb opgegeten en bij thuiskomst vergeet een nieuw pakje aan mijn voorraad toe te voegen, heb ik er altijd nog twee bij de hand!
Zorg voor blije voetjes
Natuurlijk kan je niet aan de wandel zonder goede wandelschoenen. Duh. Koop liever één keer een paar van 100 euro, dan tien keer een paar van 10 euro. Je denkt misschien ‘joh, die van 10 euro gaan misschien sneller kapot, maar dan geef ik toch gewoon weer een tientje uit?’. Áls je dat denkt, denk dan alsjeblieft ook aan duurzaamheid! Liever één paar per 5 jaar gebruiken, dan elk half jaar nieuwe schoenen moeten kopen. Daarnaast merk je het wel aan je voetjes of je op goedkope of duurdere wandelschoenen loopt. Dus doe ook hen een plezier.
Schoenen moeten geschikt zijn voor de zomer én winter. Sommige schoenen zijn lekker koel in de zomer en heerlijk warm in de winter. Je kan wel een paar schoenen kopen in de zomer en denken ‘ah, wat waait dat lekker door zeg!’, maar vervolgens kom je in de winter niet meer buiten omdat je teentjes dan zo koud zijn.
Zorg er in ieder geval voor dat de schoenen waterdicht zijn! Of het nou winter of zomer is, regenen kan het altijd. Ook loop je misschien een stukje door nat gras, dan is het wel zo prettig dat je sokken droog blijven. Op langere tochten is dit zelfs cruciaal. Als je aan het begin van een lange wandeltocht al natte sokken krijgt, dan loop (haha, ‘loop’) je een grotere kans om tijdens de tocht blaren of andere wondjes te krijgen. Ook kan er uitslag of schimmel aan je voet ontstaan. Ieeeel! En zeg nou eerlijk: het is toch ook veel leuker om bewust door al die plassen heen te lopen dan dat je er telkens maar krampachtig omheen moet?
Als je dan eíndelijk jouw perfecte wandelschoenen hebt gevonden, loop ze dan eerst goed in. Maak bijvoorbeeld eerst even een rondje door de schoenenzaak of door je eigen huis. Dan weet je vaak al of jij en je nieuwe schoenen vriendjes kunnen worden of niet. Klikt het? Neem je schoenen dan mee op wandeldate: eerst een rondje van 3 kilometer, even bekijken hoe het gaat. Wordt het niet ongemakkelijk? Dan kunnen jullie er wat langer op uit. Wandel nu een uurtje, bekijk ook even of je grip houdt op je schoenen én of je schoenen grip houden op het wegdek. Alles koek en ei? Neem ze mee op een écht avontuur! Ga bijvoorbeeld eens mee op een gratis dagwandeling van NivonJong en push je schoen tot het uiterste. Bij thuiskomst géén zin om met de voetjes omhoog te zitten? Echte wandelschoenenliefde is geboren…
Je trekt natuurlijk geen schoenen aan zonder sokken. Zorg voor sokken die passen bij je schoenen. Als je hoge wandelschoenen haalt, moeten deze vrij strak om je voet zitten, zodat je enkel niet alle kanten op zwabbert als je een stap zet. Misschien merk je na één dag wandelen niet dat je last hebt van je enkel, maar wanneer je voor langere tijd op te losse schoenen loopt, kan dat serieuze gevolgen hebben voor je fysieke gesteldheid! Daarnaast hoef je in warme schoenen niet altijd dikke sokken te doen: dat is soms dubbelop en dikke sokken zorgen er soms voor dat je voet te weinig ruimte heeft in je schoen. Dit vergroot de kans op blaren. Ikzelf heb de perfecte driehoeksverhouding gevonden. Niet die driehoeksverhouding… ik bedoel dat ik hoge wandelschoenen draag met zooltjes en dunne sokken. De wandelschoenen houden alle kou en nattigheid buiten, de zooltjes zorgen dat ik nét wat strakker in de schoenen zit en de dunne sokken zorgen voor voldoende luchtigheid en flexibiliteit bij de teentjes.
Wandel licht én comfortabel
Let goed op bij het aanschaffen van een rugzak. Heeft de rugzak het gewenste formaat? Kan ik hier eventueel makkelijk een waterzak in kwijt of aan bevestigen? Zorg er in ieder geval dat de rugzak aan al het volgende voldoet:
- Als het regent, is het wel zo prettig dat de spullen ín je tas droog blijven. Ga daarom voor een waterdichte rugzak. Ligt zo’n tas net buiten budget? Zoek dan een tas waar een regenhoes bij zit, welke je om de tas kan doen als het gaat regenen.
- Een wandelrugzak is altijd voorzien van op zijn minst een gesp op borsthoogte en een gesp op heuphoogte. Gebruik deze gespen! Draag je niet veel mee in de tas? Dan volstaat het gebruik van de borstgesp. Wanneer je zwaar beladen bent, valt aan te raden om beide gespen te gebruiken en je tas niet zo strak om je schouders te doen, zodat de tas wat naar achter ‘leunt’ en je heupen veel gewicht kunnen opvangen. Dat verlicht de druk op je schouders
- Het is erg prettig als de rugzak voorzien is van gaas aan de achterzijde. Dit gaas zorgt ervoor dat de rugzak niet direct tegen je rug aan zit, waardoor de boel lekker geventileerd blijft
- Je hebt ook rugzakken met een rugharnas, zodat de rugzak altijd dezelfde vorm behoudt. Dit zijn geweldige rugzakken voor langeafstandswandelingen. Niet voor niets gebruiken militairen zulk soort rugzakken!
- Ga je bijna nooit op wandeltocht, en wil je voor die ene keer een rugzak lenen van iemand? Zorg er dan wel voor dat je al eens ‘oefent’ om goed met die rugzak te wandelen. Stel hem goed af, doe hem vol met spullen en ga twee uurtjes aan de wandel. Merk je onderweg dat er iets niet helemaal lekker zit? Los dat dan gelijk op! Dan weet je snel of dat aan de rugzak ligt, of aan hoe jij de rugzak hebt ingesteld/ingepakt.
Wanneer je je rugzak gaat inpakken voor de wandeling, bedenk dat wat je écht nodig hebt. - Neem zo min mogelijk mee. Je kan echt wel een dag zonder lippenstift rondlopen en eventjes je baard en snor niet scheren zou ook moeten lukken. Dit laatste klinkt misschien logisch. Wie neemt er nou in godsnaam scheerbenodigdheden mee tijdens een wandeling? Nou, bij het tv-programma Hunted into the wild, waarbij deelnemers in de natuur te voet uit de handen van hunters moeten blijven, nam een man ooit scheermesjes, scheerschuim en aftershave mee… sommige mensen…
Vergeet geen essentiële spullen!
Je mobiele telefoon is niet onmisbaar, maar wél handig. Je wandelgenot verhoogt vaak juist door géén mobiele telefoon mee te nemen. Heerlijk afgezonderd van de buitenwereld, even geen sociale media, je baas kan je niet bereiken als je weer eens onmisbaar bent op werk. Als je voor je eigen veiligheid, voor de route of om welke reden dan ook wél een mobiele telefoon meeneemt, neem dan ook een powerbank mee. Vooral tijdens koude winterdagen kan je telefoon sneller leeglopen dan je misschien gewend bent. Wandel je liever heerlijk ouderwets? Neem dan voor de zekerheid een kaart, kompas en zaklamp mee.
In je rugzak zal je ook ruimte moeten maken voor een EHBO-setje. Nou wordt deze tip opgeschreven door een man die zelf door het leven gaat met één pleister in zijn rugzak. Eén. Zo kan ik in ieder geval vol trots zeggen dat ik ben voorbereid indien ik een schram oploop door een bramenstruik. Ik leer dan ook niet van het verleden. Zo was ik met mijn broer op wandelvakantie op Texel. Ik ben nog nooit gewond geraakt tijdens het wandelen, dus waarom zou dat deze keer wel gebeuren? Kort samengevat: het wandelen ging crescendo, maar ik kwam niet heelhuids thuis. In ons huisje waren de messen namelijk nét even wat scherper dan ik thuis gewend was. Gelukkig was daar mijn broer, die wél, zoals het hoort, een complete EHBO-set bij zich had. Zo ben ik nog steeds de trotse bezitter van één pleister. Moraal van het verhaal: ga je een paar dagen wandelen, neem dan een broer mee die zijn spullen in orde heeft. Of neem toch maar je eigen EHBO-setje mee.
Neem ook altijd wandelwol mee. Wandelwol kan je ook al van tevoren in je schoenen doen, om blaren tegen te gaan. Doe dit bijvoorbeeld tussen je tenen, wat zorgt voor ventilatie én voorkomt dat je tenen schuren tegen elkaar tijdens het wandelen. Heb je van tevoren geen wandelwol gebruikt en merk je dat je tenen of hak toch niet helemaal lekker zitten? Wees er dan op tijd bij, pak de wandelwol en voorkom dat je een blaar oploopt. Als je alsnóg een blaar oploopt, heb je gelukkig altijd nog je EHBO-setje bij je.
Vooral in de zomermaanden is een tekenkaart een moetje. Als je een teek oploopt, is het zaak deze zo snel mogelijk te verwijderen. Je moet hem echter niet zomaar uit je huid trekken! Hier komt de tekenkaart van pas. Zorg ervoor dat je weet wat je doet, want de teek moet in één keer in zijn geheel worden verwijderd. Tegenwoordig is de tekenkaart niet alleen maar nuttig in de zomermaanden. Door het opwarmende klimaat zijn teken tegenwoordig het hele jaar door actief in Nederland. Hoe warmer en droger het is, des te actiever ze zijn.
Wanneer je eindelijk lekker aan de wandel bent en je plots knap! of boem! of pang! hoort, is je veter waarschijnlijk geknapt (ik ben nog aan het oefenen op mijn veter-knap-geluidjes). Hoe nu verder? Je schoen zit los, het loopt allemaal niet meer prettig en je hebt nog een lange weg te gaan. Het is maar goed dat jij een extra paar veters mee hebt! Je kan eventueel ook een dun stuk touw meenemen. Wie weet komt dat ook nog voor andere zaken van pas.
Als je inderdaad een stuk touw mee hebt, en op magische wijze knappen beide veters, dan wil je natuurlijk twee stukken touw hebben. Neem daarom – niet alléén daarom, ook voor andere zaken – een zakmes mee. Het handigst is om een multifunctioneel zakmes mee te nemen, met bijvoorbeeld ook een schaar, blikopener of zelfs een zaag.
Tot slot is het handig om een handdoek mee te nemen tijdens jouw wandeltocht. Zorg er wel voor dat je een dunne, lichte handdoek uitkiest voor jouw tocht. Hiermee moedig ik je niet aan om een duik te nemen in een heidevennetje, maar hij kan van pas komen als je vieze handen of natte voeten hebt. Ga je trouwens een wandeling maken waarbij je, ondanks alle voorzorgsmaatregelen, kans maakt op natte voeten? Dan is een extra paar sokken essentieel.
Eindelijk klaar om te wandelen… maar wat is een goede wandelhouding?
Borst vooruit, kin omhoog! Het klinkt zo simpel, maar dat is het niet. Een goede wandelhouding vergt veel discipline. Let de volgende keer dat je gaat wandelen maar eens op je eigen manier van lopen. Loop je met een bolle rug en kijk je naar de grond? Houd de boel recht! Dit is veel beter voor je rug en nek. Misschien merk je ’s avonds niet gelijk dat je ‘verkeerd’ hebt gelopen, maar als de jaren gaan tellen voel je het helaas echt wel. Maar ja, als je gewend bent om met een bolle rug te wandelen, probeer dan nu maar eens onbewust 10 minuten lang met een rechte rug een rondje te lopen. Dit is moeilijker dan je denkt! Goed oefenen, dus. En loop je samen met iemand? Corrigeer elkaar dan ook af en toe. Uiteindelijk hebben jullie daar allebei baat bij. Zelf houd ik trouwens mijn kin vaak té hoog, zodat ik wat vogels kan spotten in de lucht. Geloof me, in je hals zitten erg veel spieren waar je kramp in kan krijgen.
Wil je langeafstandswandelen? Houd dan één tempo aan. Dat is veel beter vol te houden dan telkens langzaam-snel-langzaam-snel. Overigens krijg je deze tip, zoals je misschien inmiddels doorhad, van een vogelaar. Iemand die bij uitstek langzaam-langzamer-langzaamst loopt. Toch moet je het maar van mij aannemen… Als je niet vaak een langere afstand wandelt, is het handig om met een lager wandeltempo te beginnen dan je misschien gewend bent. Dit voorkomt dat je voortijdig uitgeput in de berm belandt. Daar wordt niemand vrolijk van. Wanneer je rustig aan begint, kan je altijd nog ietsjes versnellen als je merkt dat het goed gaat.
Nu ben je écht klaar voor jouw wandeling! Hopelijk hoef je pas morgen de deur uit, want na het lezen van zo veel tips en persoonlijke verhalen moet je waarschijnlijk eerst bijkomen. En of je nou de hond gaat uitlaten, met een vriendin hebt afgesproken op de Veluwe of volgende week meegaat met een van onze activiteiten: NivonJong wenst je heel veel wandelplezier!
Tim Duchatteau, wandelfanaat NivonJong




